terug naar 'Jouw vragen' |
|
Is Jezus de Zoon van God?
Veel mensen geloven dat Jezus heeft bestaan en dat Hij ook wel een goed mens is geweest, maar waar ze moeite mee hebben is dat Hij ook God zou zijn. Toch laat de Bijbel heel duidelijk zien dat het noodzakelijk is dat Jezus ook God is en dat wat er opgetekend staat, genoeg is voor ons als mensen om aan te nemen. "Jezus heeft nog wel vele andere tekenen voor de ogen van zijn discipelen gedaan die niet beschreven zijn in dit boek, maar deze zijn geschreven, opdat u gelooft dat Jezus is de Christus, de Zoon van God en opdat u, gelovende, het leven hebt in zijn naam…"Johannes 20:30-31 De Drie-eenheid Wil je iets begrijpen van het feit dat Jezus God is, dan is het goed om in te zien dat God zich op drie verschillende manieren openbaart. Als je de Bijbel leest zie je dat God zich openbaart als de Vader, de Zoon, en als de Heilige Geest. Ze zijn allemaal God, maar toch hebben ze alle drie een andere taak. Ze werken altijd met elkaar samen. Er is volkomen harmonie tussen deze drie. God openbaart zich niet afzonderlijk, als je een ontmoeting hebt met God de Vader, dan zijn tegelijkertijd Jezus en de Heilige Geest er bij betrokken. Je kunt het vergelijken met water, stoom en ijs. Het gaat om hetzelfde element, maar wat de vorm betreft, is er een verschil. Een ijsblokje kan niet tegelijkertijd ook stoom en een plas water zijn, maar God is alle drie op hetzelfde moment. Maar laten we gewoon eens gaan kijken bij het begin. Voorspellingen De komst van Jezus is al lang van tevoren voorzegd. Hij was zeker niet onaangekondigd! God voorzegde na de zondeval dat één van Eva’s nakomelingen de satan zijn macht zou ontnemen. Daarmee werd Jezus bedoeld. "En Ik (God) zal vijandschap zetten tussen u (satan) en de vrouw, en tussen uw zaad en haar zaad; dit zal u de kop vermorzelen en u zult het de hiel vermorzelen…" Genesis 3:15 Ook werd door de profeet Jesaja al lang van tevoren geprofeteerd, dat is voorspeld, dat God zelf naar de aarde zou komen. "Want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven, en de heerschappij rust op zijn schouder en men noemt hem Wonderbare Raadsman, Sterke God, Eeuwige Vader, Vredevorst…" Jesaja 9:5 Naast deze profetieën zijn er nog vele andere voorspellingen over Jezus’ komst. Zijn geboorte De aankondiging van Jezus gebeurde op een bijzondere manier. Gabriël, een engel van God, werd naar de maagd Maria gestuurd om te vertellen dat ze zwanger zou worden van de Heilige Geest. Maria werd niet bevrucht door een man, maar God zelf bracht nieuw leven in haar. In het christelijk geloof heet dat de maagdelijke geboorte. "En de engel zei tot haar: Wees niet bevreesd, Maria; want u hebt genade gevonden bij God. En zie, u zult zwanger worden en een zoon baren, en u zult Hem de naam Jezus geven. Deze zal groot zijn en Zoon van de Allerhoogste genoemd worden, en de Here God zal Hem de troon van zijn vader David geven, en Hij zal als Koning over het huis van Jakob heersen tot in eeuwigheid, en zijn koningschap zal geen einde nemen. En Maria zei tot de engel: Hoe zal dat gebeuren, daar ik geen omgang met een man heb? En de engel antwoordde en zei tot haar: De Heilige Geest zal over u komen en kracht van de Allerhoogste zal u overschaduwen; daarom zal ook het heilige, dat verwekt wordt, Zoon van God genoemd worden…" Lucas 1:30-35 Maar waarom was het nodig dat Maria niet zwanger werd via de natuurlijke weg, maar door de Heilige Geest? Ieder mens hier op aarde is voortgekomen uit Adam. Hij was de eerste mens die hier op aarde rondwandelde. Toen Adam zondigde, werd de zondige natuur overgedragen op iedereen die uit hem voortkwam. Zonde bleef in de bloedlijn zitten. Wilde iemand de mensen verlossen van hun zonde, dan moest het iemand zijn die geen zondige natuur had en wiens bloed rein en zuiver was. De bloedgroep van iemand wordt altijd bepaald door de man. Omdat bij Maria geen mannelijk zaad aan te pas kwam, maar God zelf ingreep, was Jezus iemand met Goddelijk, rein en zuiver bloed. "En het bloed van Jezus, zijn Zoon, reinigt ons van alle zonde…" 1 Johannes 1:7b Maria was echter niet de enige die een openbaring van God kreeg over de komende geboorte van Gods Zoon. Ook Jozef, de aanstaande man van Maria, kreeg een droom waarin een engel hem het volgende vertelde. "Want wat in haar verwekt is, is uit de Heilige Geest. Zij zal een zoon baren en u zult Hem de naam Jezus geven. Want Hij is het, die zijn volk zal redden van hun zonden. Dit alles is geschied (gebeurd), opdat vervuld zou worden hetgeen de Here door de profeet gesproken heeft, toen Hij zei: Zie, de maagd zal zwanger worden en een zoon baren, en men zal Hem de naam Immanuël geven, hetgaan betekent: God met ons…" Mattheüs 1:20b-23 Op dat moment werd een profetie van de profeet Jesaja vervuld. Die was al ruim 700 jaar geleden uitgesproken. "Daarom zal de Here zelf u een teken geven: Zie, de jonkvrouw (maagd) zal zwanger worden en een zoon baren; en zij zal hem de naam Immanuël geven…" Jesaja 7:14 Jezus had vele namen die zijn karakter en wezen beschreven, maar zijn “normale” naam was Jezus. Hij zou de mensen redden van hun zonden. De naam Immanuël betekent: God met ons. Zijn bediening
Ook de kenmerken van Jezus’ bediening werden al lang van tevoren geprofeteerd door de profeet Jesaja. "De Geest van de Here Here is op mij, omdat de Here mij gezalfd heeft; Hij heeft mij gezonden om een blijde boodschap te brengen aan ootmoedigen (nederige hartsgesteldheid), om te verbinden gebrokenen van hart, om voor gevangenen vrijlating uit te roepen en voor gebondenen opening van de gevangenis…" Jesaja 61:1 Ruim 700 jaar later werd die profetie vervuld. "Toen het nu avond werd, bracht men vele bezetenen tot Hem; en Hij dreef de geesten uit met zijn woord en die ernstig ongesteld waren genas Hij allen, opdat vervuld zou worden, hetgeen gesproken werd door de profeet Jesaja, toen hij zei: Hij heeft onze zwakheden op zich genomen en onze ziekten heeft Hij gedragen…" Mattheüs 8:16-17 Jezus kwam niet alleen op aarde om de weg van het kruis te gaan. Het kruis was een onderdeel van zijn bediening. Zijn bediening had nog vele andere aspecten. Denk daarbij aan genezingen, uitdrijven van demonen, het onderwijzen van zijn discipelen en andere mensen, etc. Het is allemaal terug te vinden in de vier evangeliën (Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes), die het leven van Jezus hier op aarde beschrijven. Wat Jezus zo bijzonder maakt, is dat alles wat Hij zei erop wees dat Hij de Zoon van God was. Als mensen Hem zo noemde, ontkende Hij dit nooit. Jezus stelde zich hiermee gelijk aan God. In de Joodse wetgeving stond daar de doodstraf op. "De Joden droegen opnieuw stenen aan om Hem te stenigen. Jezus antwoordde hun: Ik heb u vele goede werken doen zien vanwege mijn Vader; om welk van die werken wilt u Mij stenigen? De Joden antwoordden Hem: Niet om een goed werk willen wij U stenigen, maar om godslastering en omdat U, een mens, Uzelf God maakt…" Johannes 10:31-33 Jezus wist dat de doodstraf stond op godslastering, maar toch ontkende Hij nooit dat Hij Gods Zzon was. Of Hij was gek, of wat Hij sprak was de waarheid. "En velen van hen zeiden: Hij is bezeten en waanzinnig; waarom luistert u naar Hem? Anderen zeiden: dit zijn geen woorden voor een bezetene, een boze geest kan toch de ogen van blinden niet openen?" Johannes 10:20-21 De leer die Hij bracht was uniek en vol van wijsheid. Hij sprak bijvoorbeeld met vrouwen en liet toe dat een prostituee Hem de voeten waste, terwijl vrouwen in die tijd een heel minderwaardige plaats hadden in de Joodse cultuur.
"Eén van de Farizeeën nodigde Hem om bij hem te komen eten; en Hij kwam in het huis van de Farizeeër en ging aanliggen. En zie een vrouw, die in de stad als zondares bekend stond, bemerkte, dat Hij aan tafel was in het huis van de Farizeeër. En zij bracht een albasten kruik met mirre, en zij ging wenende achter Hem staan, bij zijn voeten, en begon met haar tranen zijn voeten nat te maken en droogde ze af met haar hoofdhaar, en kuste zijn voeten en zalfde ze met de mirre. Toen de Farizeeër, die Hem genodigd had, dat zag, zei hij bij zichzelf: als deze de profeet was, zou Hij wel weten, wie en wat deze vrouw is, die Hem aanraakt: dat zij een zondares is. En Jezus antwoordde en zei tot hem: Simon, Ik heb u iets te zeggen. Hij zei: Meester, zeg het. Een schuldeiser had twee schuldenaars. De één was hem vijfhonderd schellingen schuldig, de ander vijftig. Toen zij niet konden betalen, schonk hij het hun beiden. Wie van hen zal hem dan het meest liefhebben? Simon antwoordde en zei: Ik onderstel, hij, aan wie hij het meeste geschonken heeft. Hij zei tot hem: U hebt juist geoordeeld. En Zich naar de vrouw wendende, zei Hij tot Simon: Ziet u deze vrouw? Ik ben in uw huis gekomen; water voor mijn voeten hebt u Mij niet gegeven, maar zij heeft met tranen mijn voeten nat gemaakt en ze met haar haren afgedroogd. Een kus hebt u Mij niet gegeven, maar zij heeft, van dat Ik binnengekomen ben, niet opgehouden mijn voeten te kussen. Met olie hebt u mijn hoofd niet gezalfd, maar zij heeft met mirre mijn voeten gezalfd. Daarom zeg Ik u: Haar zonden zijn haar vergeven, al waren zij vele, want zij betoonde veel liefde; maar wie weinig vergeven wordt, die betoont weinig liefde. En Hij zei tot haar: Uw zonden zijn u vergeven. En die met Hem aan tafel waren, begonnen bij zichzelf te zeggen: Wie is deze, dat Hij zelfs de zonden vergeeft? En Hij zei tot de vrouw: Uw geloof heeft u behouden, ga heen in vrede!" Johannes 7:36-50 Zijn onderwijs was zo bijzonder, dat hij duizenden mensen als toehoorders had. Tegelijkertijd was zijn onderwijs zo heftig en radicaal, dat veel mensen zich van Hem afkeerden. "Van toen af keerden vele van zijn discipelen terug en gingen niet langer met Hem mee…" Johannes 6:66 Mensen wilden Jezus vaak wel volgen, maar als het er echt op aan kwam en Jezus hen confronteerde met zijn boodschap, haakten ze af. "En toen Hij op weg ging, liep iemand op Hem toe, viel op de knieën en vroeg Hem: Goede Meester, wat moet ik doen om het eeuwige leven te beerven? En Jezus zei tot hem: waarom noemt u Mij goed? Niemand is goed dan God alleen. U kent de geboden: U zult niet doodslaan, u zult niet echtbreken, u zult niet stelen, u zult geen vals getuigenis geven, u zult niet ontvreemden, eer uw vader en moeder. Hij zei tot Hem: Meester, dat alles heb ik in acht genomen van mijn jeugd af. En Jezus hem aanziende, kreeg hem lief en zei tot hem: Eén ding ontbreekt u, ga heen, verkoop al wat u hebt en geef het aan de armen en u zult een schat in de hemel hebben en kom hier, volg Mij. Maar zijn gelaat betrok bij dat woord en hij ging bedroefd heen, want hij bezat vele goederen…" Johannes 10:17-27 Jezus moest niets hebben van uiterlijke godsdienst, Hij sprak de mensen aan op schijnheilig gedrag en waarschuwde zijn volgelingen voor die mensen. Deze tekst betekent natuurlijk niet dat iedereen al zijn bezittingen moet verkopen! "Godsdienstleraren en Farizeeërs! Het ziet er voor u slecht uit! Huichelaars, u maakt de bekers en schotels van buiten schoon, maar ziet niet dat ze van binnen vol roof en hebzucht zitten. Blinde Farizeeërs! Maak eerst de binnenkant van de beker schoon. Dan zal ook de buitenkant schoon worden. U doet u heel vroom en oprecht voor, maar in uw hart bent u huichelachtig en slecht…" Mattheüs 23:25-26 en 28 Jezus sprak veel over de hartsgesteldheid van de mensen. Ondanks zijn confronterende boodschap van bekering en geloof in Hem, sprak door heel het onderwijs heen zijn liefde en genade. Hij wist dat de mensen dat nodig hadden. Hij kende hun harten door en door. "Toen Hij de scharen (menigte) zag, werd Hij met ontferming over hen bewogen, daar zij voortgejaagd en afgemat waren, als schapen die geen herder hebben…" Mattheüs 9:36 Uiteindelijk werd Jezus alsnog veroordeeld tot de doodstraf en moest Hij de kruisdood sterven. De kruisiging Het lijden wat Jezus door moest maken aan het kruis is ook al lang van tevoren voorzegd in het Oude Testament. De profeet Jesaja beschrijft verschillende aspecten van het lijden van Jezus. "Hij was veracht en van mensen verlaten, een man van smarten en vertrouwd met ziekte, ja, als iemand, voor wie men het gelaat verbergt; hij was veracht en wij hebben hem niet geacht. Nochtans (toch), onze ziekten heeft hij op zich genomen, en onze smarten (groot verdriet) gedragen…"Jesaja 53:3-4 "Maar om onze overtredingen werd hij doorboord, om onze ongerechtigheden verbrijzeld; de straf die ons de vrede aanbrengt was op hem, en door zijn striemen is ons genezing geworden…" Jesaja 53:5 "Hij werd mishandeld, maar hij liet zich verdrukken en deed zijn mond niet open; als een lam dat ter slachting geleid wordt, en als een schaap dat stom is voor zijn scheerder, zo deed hij zijn mond niet open…" Jesaja 53:7 Toch werden er al eerder verschillende aspecten van het lijden van Jezus voorzegd. Ruim 200 jaar voor de komst van Jesaja, leefde koning David. De Psalmen die hij schreef, hadden vaak een profetische (een door God ingegeven) vooruitblik. "Zij verdelen mijn kleren onder elkaar en werpen het lot over mijn gewaad…" Psalm 22:19 De vervulling van de lijdensprofetieën Al de voorzeggingen die hierboven beschreven staan, worden letterlijk vervuld in het leven van Jezus. "Toen het nu avond werd, bracht men vele bezetenen tot Hem; en Hij dreef de geesten uit met zijn woord en die ernstig ongesteld waren genas Hij allen, opdat vervuld zou worden, hetgeen gesproken werd door de profeet Jesaja, toen hij zei: Hij heeft onze zwakheden op zich genomen en onze ziekten heeft Hij gedragen…" Mattheüs 8:16-17 "Toen spuwden zij Hem in het aangezicht en sloegen Hem met vuisten; anderen sloegen Hem in het gelaat en zeiden: Profeteer ons Christus, wie is het, die U geslagen heeft?"Mattheus 26:67-68 "En op de beschuldiging die de overpriesters en oudsten tegen Hem inbrachten, antwoordde Hij niets…" Mattheüs 27:12 "En zij wierpen het lot om zijn kleren te verdelen…" Lucas 23:34b "Maar Jezus gaf hem geen antwoord…" Johannes 19:9b De opstanding Een essentieel aspect van het christelijk geloof is de opstanding van Jezus uit de dood. Veel mensen hebben moeite om dat stukje van Jezus te aanvaarden, zoals het in de Bijbel beschreven staat. Ze geloven wel dat Hij een goed mens is geweest, maar het gaat hen te ver dat Hij ook nog uit de dood is opgestaan. Toch is de opstanding van Jezus noodzakelijk en daarom ook logisch. Wat bewijst dat Jezus de Zoon van God is, is zijn overwinning op de dood. De Bijbel geeft duidelijke bewijzen dat Jezus gestorven is. "Maar één van de soldaten stak met een speer in zijn zijde en terstond kwam er bloed en water uit…" Johannes 19:34 Deskundigen hebben verklaard dat als iemand in zijn zij gestoken wordt met een speer en er komt zowel water als bloed uit zijn zij, dit een teken en bewijs van een gescheurd hart is. Vrijwel onmiddellijk daarna treedt de dood in. Dus Jezus was al gestorven toen de soldaten een speer in zijn zij staken. Hij maakte dat duidelijk doordat hij zijn geest over gaf. "Toen Jezus dan de zure wijn genomen had, zei Hij: het is volbracht! En Hij boog het hoofd en gaf de geest…" Johannes 19:30 Daarnaast bevestigt de Romeinse hoofdman de dood van Jezus. "En het bevreemdde Pilatus, dat Hij reeds gestorven zou zijn en hij ontbood de hoofdman en vroeg hem of Hij reeds lang gestorven was. En toen hij het vernomen had, schonk hij het lichaam aan Jozef…" Marcus 15:44-45a Ook de Romeinse soldaten zagen Hem sterven en controleerden zijn dood. Omdat Hij dood was, braken zij zijn beenderen niet.
"Maar toen ze bij Jezus gekomen waren en zagen dat Hij reeds gestorven was, braken zij zijn benen niet…" Johannes 19:33 Ook het lichaam van Jezus kon niet weggehaald zijn door zijn discipelen. De engel bij het graf getuigt dat Jezus is opgestaan. "Hij is hier niet, want Hij is opgewekt, gelijk Hij gezegd heeft; komt, ziet de plaats waar Hij gelegen heeft…" Mattheüs 28:6 Er stonden Romeinse soldaten die het graf bewaakten. Als ze in slaap gevallen zouden zijn, zouden ze hun leven op het spel hebben gezet. Ook de discipelen zouden hun leven op het spel hebben gezet door het lichaam te roven. In het Romeinse Rijk stond de doodstraf op lijkroof. En waarom zouden ze hun leven geven voor een lijk? Jezus bewijst zijn Godheid door uit de dood op te staan. Door zijn opstanding heeft Hij bewezen dat Hij sterker is dan de dood, dat zelfs de dood Hem niet kon houden. Als de opstanding niet had plaatsgevonden, dan zou de boodschap van het Evangelie krachteloos zijn en zonder inhoud. Wat zou er dan wel waar zijn van de bijbelse boodschap? Christenen zouden dan idealisten zijn, die leven in een droomwereld. Ze zouden een leugen vertellen in plaats van de waarheid. "Wij zijn er zeker van dat Christus, nu Hij uit de dood is opgestaan, niet meer zal sterven. De dood heeft geen macht meer over Hem. Door zijn sterven heeft Hij de macht van de zonde eens en voor altijd gebroken…" Romeinen 6:9-10 Doordat Jezus volkomen rein en heilig was, kon Hij de zonde van de mensheid dragen en de mensen ook daadwerkelijk verlossen van de macht van de zonde. Als Jezus sterft beschrijft de Bijbel ons dat Hij de zonde achterlaat in het graf en dat Hij opstaat uit de dood. Doordat Jezus zonder zonde was kon de dood Hem ook niet vasthouden. Doordat Hij Gods Zoon was overwon Hij de dood en nam de dood zijn rechten af. Jezus zei van zichzelf dat Hij dood was geweest, maar dat Hij nu voor eeuwig leeft. "En toen ik (Johannes) Hem zag, viel ik als dood voor zijn voeten; en Hij legde zijn rechterhand op mij en zei: wees niet bevreesd, Ik ben de eerste en de laatste, en de levende, en Ik ben dood geweest, en zie, Ik ben levend tot in alle eeuwigheden, en Ik heb de sleutels van de dood en het dodenrijk…" Openbaring 1:17-18 Toen de discipelen Jezus zagen na zijn dood, meenden ze een geest te zien. Jezus verwierp die gedachte, doordat Hij de discipelen vroeg zijn lichaam aan te raken. Een geest heeft geen lichaam. Hij liet zijn handen en voeten zien, waardoor de spijkers geslagen waren. Zelfs toen konden ze het nog niet geloven van blijdschap en daarom vroeg Jezus hun iets te eten. Voor de tweede keer bewees Hij daarmee dat Hij geen geest was, maar dat Hij werkelijk Jezus was. Hij legde zijn discipelen zelf uit waarom Hij moest sterven en opstaan. "Ik heb gezegd dat alles wat over Mij in de boeken van Mozes en de Profeten en in de Psalmen staat, werkelijkheid moet worden. Hij legde hun uit wat in die boeken stond; zo duidelijk dat ze het ineens helemaal begrepen. Dus, zei Hij, het was al lang voorzegd dat de Christus zou lijden en sterven. En op de derde dag zou Hij weer levend worden. Van Jeruzalem uit zou dit bericht over de hele wereld uitgaan: Ieder die zijn zonden aan Christus belijdt, krijgt vergeving. Jullie hebben nu zelf gezien dat deze woorden zijn uitgekomen…" Lucas 24:44-48 Jezus vervulde daarmee een profetie die Hij al had voorzegd tijdens zijn wandel op deze aarde. "Hij nam de twaalven (discipelen) terzijde en sprak tot hen: zie, wij gaan op naar Jeruzalem en al wat door de profeten geschreven is, zal aan de Zoon van de mensen volbracht worden. Want Hij zal overgeleverd worden aan de heidenen en bespot en gesmaad en bespuwd worden, en zij zullen Hem geselen en doden, en op de derde dag zal Hij opstaan…" Lucas 18:31-33 Jezus voorzegde dus niet alleen zijn lijden en dood, maar ook zijn opstanding! Wat Jezus zei was dus niet alleen waarheid, het was ook zeer betrouwbaar. Jezus leeft! Ruim tweeduizend jaar later, nadat Jezus was opgestaan en terug ging naar zijn Vader, leeft zijn getuigenis nog steeds voort. Miljoenen mensen getuigen elke dag van zijn liefde en verlossing. Het waargebeurde verhaal van Jezus is geen legende, het is nog steeds niet opgehouden. Het zal doorleven, tot de dag dat Hij terug zal komen en Hij een nieuwe hemel en aarde zal scheppen. Want Hij zal spoedig (binnen korte tijd) terug komen en Gods kinderen thuis halen. Daarna zal Hij de wereld oordelen. God biedt je de mogelijkheid om vergeving van zonden en vrijspraak van het oordeel te ontvangen, met als beloning het eeuwige leven in Gods Zoon, Jezus Christus. De laatste woorden die Hij sprak zijn de volgende.
"Wie onrecht doet, hij doe nog meer onrecht; wie vuil is, hij worde nog vuiler; wie rechtvaardig is, hij bewijze nog meer rechtvaardigheid; wie heilig is, hij worde nog meer geheiligd. Zie, Ik kom spoedig en mijn loon is bij Mij om een ieder te vergelden, naardat zijn werk is. Ik ben de Alfa en de Omega, de eerste en de laatste, het begin en het einde. Gelukkig zij, die hun gewaden wassen, opdat zij recht mogen hebben op het geboomte van het leven en door de poorten ingaan tot de stad. Buiten zijn de honden en de tovenaars, de hoereerders, de moordenaars, de afgodendienaars en ieder, die de leugen liefheeft en doet…" Openbaring 22:11-15 "En wie dorst heeft, kom, en wie wil, neemt het water van het leven om niet…" Openbaring 22:17b Kies het leven wat Jezus je aanbiedt. Hij is de Almachtige Zoon van God, Verlosser en Vriend. Niemand is zoals Hij die mensen werkelijk vrijmaakt en hun harten wil vervullen met zijn liefde. Op een dag zal je Hem zien. Ben jij er dan klaar voor? Verder naar Wat is zonde? >> |
| www.naarhouse.nl |
|